Berichten

Daar lag hij, op de keldervloer. Tussen wasmachine en droger. De kleine witte puntjes – waarschijnlijk schimmel – lieten het lijk als gekonfijt lijken. Te mooi om niets mee te doen.

Daarom hier en nu een eerbetoon.
Een fotostudie van ‘De Gekonfijte Hoornaar’.

Kleine toegift:

“I’m here, on top of the world of *Klunst*! I’m the Eye of the Hornet!”

bron: © Klunst


PS: ja, ook dit is *Klunst!* Ik ben namelijk een klungelfotograaf en deze foto’s zijn gemaakt met een simpele mobiele telefoon (Huawei P9), dus geen sjiekdefriemelreflexcamera o.i.d. Ergo: Iedere kluns kan fotograferen!

bron: L.Bartels – vinger gebrand (bij het maken van dit klunstwerk en dus (nog) niet bij het definiëren van kunst).

Je kunt er je vingers lelijk aan branden: KUNST en de definitie daarvan. Wat is gepruts, wat is prachtig, wat is gekluns en wat ware kunst? Wiens smaak en oordeel zijn daarbij van belang? Wiens ‘oh, maar dát vind ik pas kunst!’ doet er totaal niet toe? En wie of wat is dan überhaupt een kunstenaar?

DEFINIEERT U MAAR LEKKER

Een van de gangbare definities: “Een kunstenaar is een persoon die zich wijdt aan ‘de creatie en/of uitvoering of interpretatie van artistieke oeuvres in de audiovisuele en beeldende kunsten, in de muziek, de literatuur, het spektakel, het theater en de choreografie.’ (Bron: RSVZ)

Ik beperk mij hier op ‘Klunst’ uitdrukkelijk tot de beeldende kunsten, de (modern) visual arts. De overige genoemde kunstsectoren zijn weer subject van een geheel andere discussie, daar wens ik mijn vingers nu nog even niet aan te branden. Maar wat is dan beeldende kunst?

‘Kunstenares’ Tinkebell heeft zelfs meerdere definitie-pogingen gewaagd, zoals ooit (2015) in Trouw en in recenter een filmpje van GeenStijl. In die laatste video openbaarde zij DE definitie:

“Wanneer een kunstenaar iets tot kunst benoemt, dan is het kunst.”

GESTRUIKELD

Daar struikelde ik natuurlijk meteen overheen. Een bevriend kunstenaar zei namelijk precies het tegenovergestelde:

“Zelfbenoemde kunst en kunstenaars bestaan niet. Kunstenaars zijn mensen
die een opleiding gevolgd hebben aan een Hogeschool voor de Kunsten.
Wat zij ‘maken’, noem je ‘werk’. Of dat werk ook daadwerkelijk kunst is,
moet blijken. Maar dat kun je niet (nooit) zélf als kunstenaar stellen.”

(Dank je, Erwin de Vries!)

En daar hebben we HET punt. Meteen ook míjn punt. Of dat ‘werk’ van al die kunstenaars daadwerkelijk kunst is, dáár kun en mag je namelijk wel degelijk over twisten. Of het mooi is, doet er niet toe. Want onbetwistbare smaak en zo. Maar óf het kunst is, dát is de vraag.

TERUG NAAR AF: WAT IS DAN KUNST?

Tinkebell – daar is ze weer – geeft in Trouw (zie link hierboven) een aantal doorgaans gestelde randvoorwaarden.

“Kunst moet esthetisch zijn, kunst moet je aan het denken zetten,
kunst moet tastbaar zijn en kunst met dieren is geen echte kunst
(om wat ‘voorwaarden’ te noemen). Het kunstenaarschap is een
vrij beroep, wat betekent dat iedereen kan zeggen dat hij of zij
kunstenaar is en dat iedereen dus kan zeggen dat wat hij of zij
maakt of presenteert, een kunstwerk is
.”

Dat klinkt een beetje als de job van ‘consultant’. Ook een vrij beroep; iedereen kan zichzelf consultant in de wat-dan-ook noemen. Het werk dat afgeleverd wordt, noemt de consultant dan ‘professioneel advies’. Maar of dat advies ook daadwerkelijk een advies is, een GOED advies, dat hangt weer van de context af waarin hij dat advies geeft. En of hij binnen die context verstand van zaken heeft. Geeft hij bijvoorbeeld het geweldige advies ‘pies niet tegen de wind in!’ aan een zwangere, bedlegerige vrouw, kun je je afvragen of hij ze nog allemaal op een rijtje heeft. Zegt hij hetzelfde tegen een 1o-jarig knulletje op de Afsluitdijk, die net zijn gulp openritst om eens even flink te wateren, is zijn advies geheel zinvol en op z’n plaats. Een waar consultant.

CONTEXT IS ALLES

Blijkbaar hangt kunst dus vooral van de context af. Van de bedoeling, de intentie. Wat wil de maker ermee bereiken? Tegenwoordig is iets dus al ‘kunst’ als het vernieuwend is (nog nooit eerder gedaan), als het stof doet opwaaien (‘moet dát kunst zijn?!? Schande!!’), als het kritiek oplevert, als het reactief is en zodoende weer reacties uitlokt. Je vindt met je werk ergens iets van en wat dat dan is, maakt niet uit.

Vriendkunstenaar Erwin zei echter ook het volgende:

“Sinds ca. 100 jaar (Duchamp) is mooi (of knap, of technisch vaardig)
geen argument meer voor kunst. 
Mooi (of knap gemaakt),
is überhaupt geen interessant uitgangspunt, zo is gebleken.

Iets wat je ‘mooi’ vind kun je bijvoorbeeld enkel nog maar
‘minder mooi’ gaan vinden.”

Ik ben Erwin erg dankbaar voor zijn fijne input en goede inzichten. Maar: mooi is dus klaarblijkelijk ongewenst geworden (en smaak is ook niet meer van belang). Vakmanschap is eveneens volledig irrelevant. Je doet iets ondefinieerbaars als kunstenaar en dat heeft dan maar kunst te zijn. En moet ook nog eens als zodanig gewaardeerd worden. Moet.
Daartegen wens ik te ageren.

DOORSNEE BURGERTRUT

Ik doe nu net even alsof ik de doorsnee burgertrut ben, die ik in feite ook gewoon ben, en vraag me af: wat MOET ik dan met die klunzige, gekunstelde creaties?
Ik vind ze al niet mooi, dus minder mooi gaat het zeker niet meer worden.
Ik vind ze veel te duur; duizenden euro’s voor een paar slordige, klunzige vegen op een doek, vreet dat zelf maar op.
Ik vind ze over het paard getild, snobistisch; als je de kunstwaarde ervan niet inziet, ben je per definitie een cultuurbarbaar en een te simpele ziel om het ‘werk’ te begrijpen en te doorgronden.
Ik vind ze door de strot geduwd, want de Nederlandse moderne kunstenaars die wél van hun kunst kunnen leven, omdat het daadwerkelijk iets voorstelt (m.a.w. vakkundig, esthetisch, etc.), kun je op één hand tellen; de rest moet grof gesubsidieerd worden zodat zij hun ‘controversiële, vernieuwende werk’ en masse af kunnen blijven leveren.

Maak mij als simpele burger dan maar eens duidelijk waarom kunst móét, waarom ik mee moet betalen aan die tsunami van overbodige kunstwerken. Aan gekunstel wat in feite enkel gekluns is en wat iedere oppervlakkige geest kan maken.

UITGEHOLD EN LEEG

De moderne en abstracte kunst van tegenwoordig is uitgehold, leeg, soms zelfs niet eens meer tastbaar. Het overgrote deel van de huidige ‘kunst’ is enkel nog bedoeld om een of ander warrig statement te maken, dat in zo wollig mogelijke zweefwoorden in de bijsluiter van het ‘werk’ omschreven wordt. Zonder omschrijving snap je er namelijk al helemaal geen bal meer van.

Bron: © Klunst.nl

Vakmanschap (oude meesters!) is klaarblijkelijk al lang en breed overbodig. Maar… hoe komt het dan dat het handjevol kunstenaars, dat wél op eigen kracht is doorgebroken (daarover later mee, zie overigens ook de True Artist Alerts) blaken van het vakmanschap, van de kunde? Zou de waardering en erkenning die hen ten deel valt, dan tóch misschien daaraan liggen?

De wereld der moderne kunst is verworden tot de eentonige massaproductie van non-creatieve statements, die in feite zo bij het grof vuil kunnen.

PLOPSALAND DER KUNSTEN

Kunst moet dus NIET. Kunst mág. Omdat niemand voor een ander kan en mag definiëren, wat kunst genoemd mag worden en wat niet. En dat is nu precies wat er wél gebeurt in het Plopsaland der Modern Visual Arts. Het is een gekunstelde, artificiële wereld geworden, die van selectief en discriminerend uitgedeelde subsidies aan elkaar hangt.

De art experts, de kunstadviescommissies, maar ook de subsidiërende instanties en bijvoorbeeld het Mondriaanfonds ( = overheidsgeld); zíj bepalen wat in Nederland ‘kunst’ is en wie ‘talent’ heeft.
En dat heb je maar te slikken.
En te betalen, graag.

Bron: © Klunst.nl

Productiedatum: 7 mei 2017
Productietijd: 12 minuten
Prijs: n.o.t.k.


Materiaal: 
Een Amazon-doos (je moet wat, hè), een platgereden dennenappel, nagellak, acrylverf, spuitlak.

Over dit klunstwerk:
Hij lag er. Verloren in de goot. De dramaturgie was overweldigend, de onuitgesproken treurnis groots. Dat, wat ooit een trotse, fiere dennenappel was, viel nu zowaar uit elkaar, omdat het de druk van hardrubberen autobanden niet stand kon houden. Daarbij wilde de dennenappel zo graag nog een keer bij ’t leven nagellak dragen… Het was te lezen in het hart, te zien in de afwezige ogen van het gemolesteerde object.

Wat zou ik nu voor klunstenaar zijn als ik aan deze laatste wens van een simpele dennenappel geen gehoor geef? Ik heb hem op zijn sterfbed vereeuwigd. Met nagellak. Mijn geloof in het hiernamaals keerde terug toen ik het hart van de simpele dennenappel zag veranderen in een engel. En alles was goed.

Bron: © Klunst.nl

 

Bron: © Klunst.nl

 

Bron: © Klunst.nl

De ‘True Artist Alert’:
Een nieuwe rubriek om ware kunstenaars mét uitmuntend vakmanschap te laten zien. Want die zijn er. De eerste: Thijme Termaat.

Over Thijme’s kunst zelf valt te twisten: het is je smaak of het is ’t niet. Zoals dat het geval is bij alle kunst en visual art. Maar dat deze man een vakman is, is overduidelijk. Alleen de manier waarop hij schildert, is al opzienbarend. Vaak met links en rechts, met twee penselen tegelijk, tot in de fijnste details. Je moet het maar kunnen.

Over bovenstaand schilderij en het maken van de video deed hij overigens 2,5 jaar. Aangezien de concurrentie moordend is op de volledig overspoelde visual art-markt, bedacht Thijme dit project, inclusief timelapse-video, om zo meer in de picture te komen. Dat lukte: met deze video brak hij door. De video trok miljoenen kijkers en zijn schilderijen gaan nu als warme broodjes over de toonbank.

Zelfs de manier waarop hij het ontstaansproces van zijn kunst visualiseert, is al kunstig op zich:

 

Bron: © Klunst.nl

Productiedatum: 7 mei 2017
Productietijd: 10 minuten
Prijs: VERKOCHT (voor een niet nader te noemen astronomisch bedrag)


Materiaal:
Een stuk vuil karton dat voor mijn neus in de papiercontainer van het afvalcentrum werd gedumpt en wat ik er dus meteen – met gevaar voor eigen leven, want enge walsen – weer uitgevist heb. Verder: acrylverf, spuitbus met lichtgroene acryllak, spuitlak (voor het fixeren van het vuil).

Over dit klunstwerk:
‘Don’t (apply) Stress’ was een snelle productie. Heel snel.
Het in het oog springende vuil – de zwarte vegen op het karton – gaf de doorslag. Het was vakkundig gepositioneerd edoch van een overweldigende willekeurigheid. Daarnaast wil de weggooimaatschappij zich hier duidelijk op de voorgrond dringen middels evidente recycle-pijlen, welke met tranen in de ogen geaccentueerd werden. Ook die tranen zijn overigens op miraculeuze wijze in het klunstwerk opgegaan.

De werkelijke, heftige emotie werd gewekt door de opdruk van de woorden ‘Do not apply stress’. Deze simpele zegswijze is zo veelzeggend, zo uitdrukkingsvol, zo intens. Laten we dit motto meteen maar voor de hele mensheid praktiseren: stress (elkaar) niet. Daar krijg je alleen maar diepe levensbutsen van.

Don’t stress. Stress = maagzweren, ellende en hartaanvallen.
Voor je ’t weet, bivakkeer je tussen vier planken.
Of, met een beetje pech, in een kartonnen doos als deze.

Bron: © Klunst.nl

 

Bron: © Klunst.nl

 

Bron: © Klunst.nl

Bron: © Klunst.nl

Productiedatum: 4 en 5 mei 2017
Productietijd: ca. 3 uur (was veel werk, die vakjes inkleuren)
Prijs: n.o.t.k. (overigens: dit is een setje en ik wil ze niet bruut van elkaar scheiden)

Materiaal:
Twee oude, grijze placemets (van het afvalcentrum), acrylverf, spuitlak

Over dit klunstwerk:
‘De Keukenvloer’ was een visueel uitdagend project. Ik werd namelijk knettergek van het kijken naar die vakjes. Ik heb met opzet een iets te grote penseel ter hand genomen, om zo een oprecht out-of-the-box-effect te creëren. Daarnaast bevatte de acrylverf hier en daar wat dikkere klodders, die ik natuurlijk ook in het totaalbeeld geïncludeerd heb. Perfectie zou een klunstwerk als dit immers enkel ruïneren.

U moet bedenken dat er ontelbare tegelzetters zijn, die dagelijks tegel na tegel op een willekeurige keukenvloer leggen. Ook zij zijn ware k(l)unstenaars, ware het niet dat één afwijkende tegel al een claim aan de broek zou betekenen. Die verholen drang naar de zo gewenste, maar helaas verboden perversiteit heb ik in dit klunstwerk vereeuwigd. En gelooft u mij, ik moest eerst door ’t stof gaan (4 mei) voordat op 5 mei eindelijk de bevrijding kwam.

Dit is voor alle noest arbeidende klunstenaars onder de tegelzetters.

Bron: © Klunst.nl


WAARSCHUWING: Een ononderbroken blik op de keukenvloer van meer dan 10 seconden kan verregaande gevolgen hebben. Het is mogelijk dat uw hokjesdenken dan voor eeuwig in uw hersenen gebrand wordt. Ik spreek uit ervaring.


 

Bron: © Klunst.nl

Bron: © Klunst.nl

Bron: © Klunst.nl

Bron: © Klunst.nl

 

Bron: © Klunst.nl (klunstenaar: Lou Bartels)

Ach…

Ooit bloeide zij zo prachtig. Tot de verzengende zon op haar bladeren blikte. Eraan likte. En ze verbrandde.

Met verbrande randen
kan zelfs een wilde tulp
in de goot des levens belanden.

Of zoiets.


Toegift (geen tulp, wel uitgebloeid)


bron van alle foto’s: © Klunst.nl (klunstenaar: Lou Bartels)

 

‘Koei’ (Stier) – © Klunst.nl (klunstenaars: Lou Bartels + dochter)

Productiedatum: onbekend (ergens in 2016)
Productietijd: onbekend (geschatte 2 uur, vanwege gekluns van samenwerkingspartner)
Prijs: —niet te koop—


Materiaal:
Knutselpakket ‘maak een koe’ (gips, staaldraad, vormballonnetjes), acrylverf

Over dit klunstwerk:
De ‘Koei’ was het gevolg van een verjaardagscadeautje en ontaardde in een samenwerkingsverband tussen een klunstenares en haar dochter (toen 10). De omgang met gips verliep niet zoals gewenst, wat resulteerde in de gevleugelde uitspraak: “Nou, dan doe JIJ het maar lekker!” En zo geschiedde.

Helaas ontbraken uiteindelijk de uiers, waardoor Koei – oh verrassing – een stier bleek te zijn. De dochter heeft het project met haar acrylverf-klunst gecompleteerd.

Het klunstproject ‘Koei’ illustreert op perfecte wijze de hobbels die genomen moeten worden om de samenwerking tussen volwassene en kind toch te laten resulteren in een herkenbaar, maar toch lieflijk klungelig object. Geniet u vooral van de rondingen, de uitmuntend geplaatste zwarte vlekken en de transparantie van de melkorganen.

‘Koei’ (Stier) – © Klunst.nl (klunstenaars: Lou Bartels + dochter)

“Dat kan toch iedere driejarige?”

Dat is een graag gedane uitspraak als je in een museum of gallery met moderne kunst komt. Ik denk het zelf ook continu. Op het antwoord hoef je niet lang te wachten: “Maar een driejarige deed het niet. De kunstenaar wel.” (zoals ook in het kinderboek van Miriam Elia te lezen is).

Wel, driejarigen doen het wél! Neem bijvoorbeeld de kleine Puk (3). In 2012 plantte Sander Roks (Vice) de uk in het Amsterdams Stedelijk Museum, met een bak krijtjes en papier. Maak maar eens een paar replica’s, knulletje! En dat deed hij.

Sommig gekluns weigerde Puk te repliceren, wegens ‘te lelijk’. Ik snap dat helemaal. Puk zette ook een krijtstreep op de muur, die door museumbezoekers prompt als kunst werd geïdentificeerd.

Foto’s van Puk en zijn waardevolle, prachtige klunstzinnige uitingen: >> hier << (vice.com)

Zo zie je maar: kunst is werkelijk geen kunst.
Een driejarige kan het inderdaad.
En doet het ook.

Samengevat: als je er maar voor zorgt, dat je de eerste bent met je klunstzinnige uitingen (of streepje op de muur), is het helemaal goed. Het zal gewaardeerd worden.

En dat is wat Klunst doet: trachten met veel gekluns creatieve objecten en visuele uitspattingen te produceren, die nog niet eerder uitgespat (of uitgespuugd) zijn. En daarom schoppen we er lekker tegenaan.

Wat nou kunst?
Klunst!

Bron: pixabay